Stevige greep
Na een aanslag op een potje honkbal op de Gulf Oasis Western Housing Compound in Ryaad is Ronald Fleury (Jamie Foxx) vastbesloten de daders te achterhalen. Tussen de bureaucratische rompslomp door smokkelt hij zijn team, bestaande uit een bommenexpert (Chris Cooper), een forensisch onderzoeker (Jennifer Garner) en een informatieanalist (Jason Bateman), Saoedi-Arabië binnen en belandt hij in een kluwen van politieke instanties, militaire bewegingen en al dan niet corrupte politiecommissarissen. Hij heeft vijf dagen om een arrestatie te maken.
The Kingdom grijpt je vanaf de eerste seconde direct bij de strot. We zien in de mooi geanimeerde openingcredits het ontstaan van ‘het koninkrijk’ zoals het nu bestaat en het aandeel dat de VS daarin hadden. Aan deze generiek zit wel een luchtje want het lijkt alsof regisseur Peter Berg zich van te voren al probeert in te dekken tegen claims dat zijn film bol staat van Amerikaans patriottisme. De openingsscène doet onze sympathie alvast naar de Amerikanen overhellen, want het is gruwelijk om te zien hoe een koelbloedig geplande aanslag huishoudt onder mannen, vrouwen en kinderen. Berg brengt het, in samenwerking met producent Michael Mann, ‘up, close and personal’ in beeld, met licht geforceerd handheld camerawerk en subliem wapengeluid zoals we dat van Mann gewend zijn (wie herinnert zich de bankroofscène uit Heat nog?). Helaas blijkt later dat deze stijl zich minder goed leent voor de andere actiescènes, die door hun kleinschaligheid wat flets afdoen tegen de explosieve opener.Als een nachtkaars
Zodoende begint The Kingdom al snel zijn greep op de toeschouwer te verliezen, zeker wanneer het thrillerplotje weinig originaliteit vertoont. Fleury (Foxx zet zijn stoere masker maar weer eens op) en zijn team ploegen zich de hele film zuchtend en steunend door een muur van Saoedische onwil, bureaucratisch geneuzel en veel, heel veel kogels. Uiteindelijk wordt dan maar een knikker als deus ex machina de film in gerold.Naast het gebrekkige scenario blijft ook de uiteindelijke thematiek en politieke intrige oppervlakkig. Berg bevindt zich voortdurend op het randje en probeert met geforceerde kunstgrepen zijn evenwicht te bewaren. Ik noemde al de openingcredits, maar denk ook aan de vier Amerikaanse oneliner-spuiende protagonisten enerzijds en de bureaucratische rompslomp die ze van zich af moeten schudden anderzijds. Het neutrale standpunt dat dit als gevolg heeft geeft de kijker wel de kans zelf een conclusie te trekken, maar feitelijk toont Berg gewoon te weinig lef. Films als Three Kings en recentelijk Syriana hebben aangetoond dat hij zich best wat minder terughoudend had kunnen opstellen. Dan was de film misschien langer écht boeiend gebleven.





.jpg)
