Zo nu en dan is het de plicht van een filmliefhebber, om een vergeten of weinig belichte regisseur in de spotlight te zetten.
Rainer Werner Fassbinder is één van de meest merkwaardige regisseurs die de Duitse cinema heeft gekend. Een cineast die heeft bewezen de conventies van het melodrama compleet te beheersen en hier een geheel eigen draai aan heeft weten te geven. Rainer was een workaholic, alcoholist, frequent drugsgebruiker, een gepijnigd ziel, maar bovenal: een auteur.
De rode draad
Fassbinders indrukwekkende CV wordt gesierd door maar liefst 34 films die thematisch door een hele dunne draad kunnen worden onderscheiden van elkaar. Het is een geheel, thematisch en esthetisch gezien. Het kille karakter van zijn films waart als een deken over Fassbinders carrière. Kilte die de ruimte geeft voor diepe emoties, sociale problematiek en persoonlijke demonen. Dualiteit die ook terug te vinden is in Fassbinders eigen leven. Melodrama is zijn kunst, Douglas Sirk, de

Duitse meester van het melodrama uit de jaren '50, zijn grootste inspiratiebron. Een man die, net als Fassbinder, niet bang was de wrede consequenties die voortvloeien uit conventies van de, in het geval van Sirk, 'voorbeeldige' Amerikaanse samenleving, bloot te leggen.
Angst Essen Seele Auf verscheen in 1974. Een moderne vertelling van Sirks
All That Heaven Allows uit 1956.
Angst Essen Seele Auf geeft Fassbinders obsessie met uitsluiting en zijn fascinatie met Sirk misschien wel het beste weer. Het drama vertelt het verhaal over de onmogelijke liefde tussen een Marokkaanse gastarbeider en een Duitse weduwe. Een liefde die door de sociale kringen van de Duitse vrouw niet wordt geaccepteerd. Afkeuring die ook de liefde tussen een weduwe uit gegoede kringen en haar tuinman treft in
All That Heaven Allows. De paralellen tussen beide films zijn gelegd. De verbinding met het klassieke melodrama komt duidelijk naar voren in Fassbinders werk, maar zoals al eerder gezegd, heeft hij een geheel eigen draai weten te geven aan zijn visie op het melodrama. Een draai die veelal is gemanipuleerd door het turbulente privé-leven dat Fassbinder zelf heeft getroffen.
Film-Noir, drama en politiek
De carrière van Rainer begon nog met films die een andere passie lieten zien; namelijk die van de film-noir.
Liebe ist Kälter als der Tod en
Der Amerikanische Soldat zijn daar goede voorbeelden van. Invloeden van Franse grootmeester in de misdaadfilm, Jean-Pierre Melville, zijn hier duidelijk merkbaar. Bij de poster van eerstgenoemde film is het silhouet van de hoofdrolspeler zelfs identiek te noemen aan die van Alain Delon op de poster van Melville’s meesterwerk
Le Samouraï. De sociaal- en emotioneel gerelateerde thematiek begon echter al snel de overhand te krijgen en uitte zich als eerste op zeer sterke wijze in
Die Bitteren Tränen der Petra von Kant, in 1972. Een studie in de destructieve effecten van een liefdesobsessie en van liefdesverdriet. Een obsessie die Fassbinder zelf vaak genoeg gevoeld moet hebben, wanneer we in acht nemen wat voor persoon het was. Namelijk een desperate ziel, zoekend naar affectie. Rainers desperate jeugd tekende zich door extreme vrijgevigheid, in de hoop hiermee liefde te 'kopen' van personen die dicht bij hem zaten. Dit gedrag zette zich voort in zijn volwassen leven. Zo kocht hij voor Günther Kaufman, een veel terugkomend acteur in de films van Fassbinder, en een man waar Fassbinder een roerige homo-sexuele relatie mee deelde, vier Lamborghini’s in twaalf maanden tijd. Ook trakteerde hij zijn vaste groep van acteurs en vrienden regelmatig op dure etentjes en dergelijke.
Ich Will Doch Nur, Dass Ihr Mich Liebt uit 1976, beeldt dit het beste uit.
De eeuwige rebel
Fassbinder is misschien nog het best te beschrijven als een rebel, een schopper. Deze enfant-terrible van de nieuwe Duitse cinema was een lopende contradictie. Vaak beschuldigd als anti-semiet, anti-communist, mannelijk chauvinist en homofoob, kwam Fassbinder vreemd genoeg openlijk uit voor zijn homosexualiteit en stopte hij zijn films vol met liberale thematiek. Persoonlijke demonen speelden een centrale rol in zijn leven en carrière. Tussen 1979 en 1981 had hij uitstappen naar wat meer politiek getinte films, met als beste voorbeeld het epos
Berlin Alexanderplatz, een 14-delige mini-serie voor de Duitse televisie, om in 1982 met zijn meest controversiële en laatste film,
Querelle, zijn filmcarrière af te sluiten. Een vaarwel die vergelijkingen treft met een ander enfant-terrible van de cinema, Pier Paulo Pasolini. De personages uit de films van Fassbinder zijn fatalisten en ironisch genoeg werd het noodlot dat Fassbinders personages zo erg trof, teruggeprojecteerd op zijn eigen leven. Het noodlot trof hem in 1982, op 37-jarige leeftijd, met het script voor zijn volgende project in de hand.